Begeleiding dyslexie

Het vaststellen van de leerstoornis dyslexie

In september van elk schooljaar vindt er een dyslexie-screening plaats voor de brugklassers. Op basis van gegevens van de basisscholen en uitkomst van deze screening kan een leerling worden voorgetest.
Blijkt uit de gegevens van een voorgeteste leerling dat er een vermoeden is van dyslexie, dan wordt de leerling extern doorgetest door een orthopedagogisch instituut. Wanneer dit voor uw zoon of dochter geldt, wordt u hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.

Leerlingen uit leerjaar twee of hoger, waarbij er vermoedt wordt dat hij/zij dyslectisch is, worden besproken tijdens de docentenvergadering. Als meerdere docenten het vermoeden op
dyslexie bevestigen, wordt de leerling voorgetest op het SMC en daarna eventueel doorgetest door het orthopedagogisch instituut. Aan het extern testen zijn kosten verbonden. Van de ouders wordt
gevraagd om voor een deel bij te dragen in de kosten. Het andere deel wordt door de school betaald.

Begeleiding van dyslectische leerlingen

Leerlingen met een officiële dyslexieverklaring komen in aanmerking voor extra faciliteiten en voor contact met de dyslexiecoach. Deze houdt enkele malen per jaar een coachingsgesprek met de
leerling. De dyslexiecoach geeft tips en onderzoekt welke knelpunten de leerling ondervindt.

Overeenkomstig de bepalingen van het dyslexieconvenant dat de schoolbesturen in de
Zaanstreek hebben afgesloten, wordt er géén inhoudelijke hulp geboden aan dyslectische leerlingen
(bijv. leer- of spellingscontrole). De begeleiding binnen het VO richt zich op (leren) omgaan met de gevolgen van de dyslexie. Het geven van gerichte behandeling valt buiten de mogelijkheden van het VO en behoort tot de verantwoordelijkheid van ouders.