Begeleiding

De overgang naar de middelbare school is een grote stap. We proberen dit op een zo’n goed mogelijke manier te begeleiden. Dat begint al voor de grote vakantie met een programma op de POVO-dag. Uw kind maakt dan kennis met de mentor en klasgenoten. Na de grote vakantie gaat de introductieperiode verder. De mentor begeleidt uw kind twee uur in week. Eén uur met een mentorles en één les met het project Leefstijl waar met een mentorprogramma op sociaal-emotioneel gebied een goed samenwerkende klas wordt gevormd.
Naast de mentor zijn er ook andere vormen van begeleiding als dat nodig is.

Huiswerkklas

In de huiswerkklas die aansluit op de lessen, krijgen de leerlingen een plek om onder toezicht rustig en geconcentreerd te werken aan hun huiswerk. In de huiswerkklas wordt gecontroleerd of het leer-en maatwerk naar behoren wordt gedaan. Indien nodig, wordt er overhoord. Naast de toezichthouder is er in de meeste uren ook een huiswerkondersteuner aanwezig die de leerlingen kan helpen n.a.v. hun vragen over vakinhoud en studieaanpak. De huiswerkklas is géén bijles; de vakinhoudelijke ondersteuning is de taak van de vakdocent en vindt plaats in de les en in het V-uur.
Omdat Lyceo op school komt is er geen tijdverlies. De huiswerkklas is open van 14.30 tot ± 17 uur; dit betekent dat de leerling veelal direct aansluitend aan de les de huiswerkklas kan bezoeken.
De school betaalt een deel van de huiswerkklas. Aan de ouders wordt een eigen bijdrage gevraagd, die afhankelijk is van het aantal keren per week dat een leerling de huiswerkklas bezoekt. Voor meer informatie verwijzen we u ook naar het kopje 'huiswerkklas'.

Tutorbegeleiding
Het kan zijn dat uw kind moeite heeft met één of twee vakken. Dan kan een bovenbouwleerling (of student) wellicht helpen. Dit noemen we tutorbegeleiding en dat kan maximaal twee keer per week gevolgd worden. Voor deze begeleiding wordt een kleine bijdrage gevraagd.
 
Dyslexie

Naast het zorgvuldig gebruik maken van de basisschoolgegevens maken de leerlingen rond de herfstvakantie bij het vak Nederlands een screeningsdictee. Deze gegevens worden gebruikt voor het screenen van leerlingen op dyslexie. Leerlingen die opvallen worden door onze dyslexiebegeleidster voorgetest en aan de hand van die uitslag wordt er - indien nodig - doorverwezen naar een professionele instelling.
Leerlingen die dyslectisch zijn krijgen hulp van een dyslexie-coach. Deze geeft vooral praktische tips om mee aan de slag te gaan en heeft de rol van tussenpersoon in het geval er problemen ontstaan.
Vanzelfsprekend wordt er op het SMC rekening gehouden met leerlingen met dyslexie, zij hebben speciale faciliteiten, zoals bijvoorbeeld extra tijd bij proefwerken. Bij specialistische hulp, zoals remedial teaching, kan het nodig zijn dat er gebruik gemaakt wordt van externe begeleiding.

Sociaal-emotionele begeleiding

Sommige leerlingen hebben moeite om te wennen en komen daar niet alleen uit. Er zijn in dit geval verschillende manieren van extra begeleiding.

Sovatraining

Met deze training worden sociale vaardigheden besproken, zoals "hoe gedraag je je in een groep, wat doe je als je niet zo goed voor jezelf op kan komen, hoe zorg je ervoor dat je nieuwe vrienden/vriendinnen kan maken?"

Faalangsttraining

Sommige kinderen worden heel erg zenuwachtig voor een test of een examen. Soms zo erg dat niets meer lukt. De cijfers zijn dan slecht en dat is eigenlijk niet nodig. Met de faalangsttraining leren we leerlingen met dit probleem om te gaan.

Leerlingbegeleiding

Er zijn wel eens situaties waar een leerling moeilijk over kan praten. Een vakdocent of mentor zou ook iets kunnen opmerken bij een leerling. Als het gedrag zo opvalt en een leerling hierdoor niet goed functioneert is het mogelijk om met de leerlingbegeleiding te praten. Zij zijn professioneel opgeleid om sommige problemen op te lossen of kunnen doorverwijzen naar professionele hulpverlening.